Exploitatievergunning

Alle toekomstige uitbaters van publieke inrichtingen (vaste drankslijterijen) en reizende drankslijterijen (vb. tapwagen, boten, treinen…) die van plan zijn gegiste en sterke dranken te schenken, moeten een drankvergunning hebben. Een drankvergunning geeft de uitbater de toestemming om gegiste dranken (dranken met een alcoholpercentage van minder dan 22°) en sterke dranken (meer dan 22°) te schenken in publieke inrichtingen als cafés, snackbars, restaurants, …

Voorwaarden

Om een vergunning te krijgen, moet u voldoen aan alle andere reglementering die van toepassing is op de uitbating van een drankgelegenheid. U moet dus:

  • een stedenbouwkundig vergunde inrichting of een goedgekeurde reizende inrichting hebben
  • aan de moraliteitsvoorwaarden voldoen
  • met de brandveiligheid in orde zijn
  • indien nodig een milieuvergunning klasse 2 hebben.

De drankgelegenheid moet gelegen zijn op het grondgebied van de gemeente.

Procedure

U vraagt de vergunning aan bij uw gemeente.

Bedrag

De vergunning is gratis.

Regelgeving

Wet betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank (B.S., 30 december 1983)

Wat meebrengen

  • kopie van de identiteitskaart
  • een recent uittreksel uit het strafregister (model 596.1.8). Dit document mag niet ouder zijn dan 3 maanden. Het uittreksel uit het strafregister dient u aan te vragen in de gemeente waar u woont.
  • attest van controle van de brandweer.
  • attest van keuring van elektrische installaties.
  • kopie van het attest van het FAVV (Federaal Agentschap voor de Voedsel Veiligheid)
Om een slijterij of een drankgelegenheid, zoals een café of een restaurant, uit te baten, heb je een moraliteitsattest nodig. Dat attest bevestigt dat de aanvrager van goed en zedelijk gedrag is en dus het recht heeft om gegiste en sterke dranken te schenken.

Een moraliteitsattest is niet hetzelfde als een uittreksel uit het strafregister (bewijs van goed gedrag en zeden).

Het zijn niet alleen de uitbaters die zo'n attest moeten hebben: ook de eventuele zaakvoerder of zijn aangestelde en inwonende personen die aan de uitbating zouden kunnen deelnemen, moeten een moraliteitsattest hebben. Als een vennootschap de zaak uitbaat, moeten ook de medezaakvoerders een attest hebben.
Personeelsleden die niet aan de uitbating deelnemen, hebben geen attest nodig.

Voor gelegenheidsslijterijen, zoals bijvoorbeeld het schenken en/of verkopen van gegiste dranken op een fuif of evenement, is er geen moraliteitsattest nodig.

Je vraagt het moraliteitsattest aan in de gemeente waar je bent ingeschreven in het bevolkingsregister. Breng je identiteitskaart mee.